De Algemene Centrale der Openbare Diensten (ACOD) werd
opgericht op 19 augustus 1945 door het samensmelten van de verschillende
socialistische overheidsvakbonden.
De structuur van onze organisatie evolueerde doorheen de jaren samen met de
Belgische federale staatstructuur en is dus erg uitgebreid.
Onder de federale koepel van de ACOD vallen drie intergewestelijken: De
Vlaamse Intergewestelijke (VLIG) beslaat het Vlaamse
grondgebied, de Waalse Intergewestelijke (IRW) het Waalse en de Brusselse
Intergewestelijke (Regio Brussel) het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.
Aangezien in Brussel ook Vlamingen wonen, behoren onze Vlaamse leden daar
voor bepaalde materies – samen met de Vlamingen van de VLIG – tot wat we
simpelweg de ACOD noemen.
De VLIG overkoepelt zes Vlaamse gewesten: Antwerpen,
Mechelen, Limburg, Vlaams-Brabant, Oost-Vlaanderen en West-Vlaanderen.
Naast de bovenstaande (inter)gewestelijke opdeling, bestaat er ook één
volgens sectoren. Op dit moment telt de ACOD negen sectoren: Post, Spoor,
Onderwijs, Lokale en Regionale Besturen (LRB), Tram Bus Metro (TBM), Cultuur,
Telecom, Gazelco en Overheidsdiensten (vroeger ministeries en parastatalen).
Elke sector is zelfstandig wat betreft zijn intern beheer en de behartiging van
de beroepsbelangen van zijn leden. Elke sector bepaalt ook zelf zijn
organisatorische structuur, voor zover de statuten van de (federale) ACOD worden
gerespecteerd.
Een ACOD-lid behoort altijd tot een gewest en een sector.
Meer dan 100.000 leden raadplegen over syndicale thema’s is vaak praktisch
niet haalbaar. Daarom heeft de ACOD een getrapte democratische
vertegenwoordiging. Er zijn verschillende beslissingsniveaus:
afdelingen, gewestelijke besturen, sectorcomités, bureaus, secretariaten en een
Algemeen Secretariaat. Al deze instanties werken met vertegenwoordigers:
militanten, afgevaardigden, secretarissen, voorzitters. Zij worden democratisch
verkozen op ledenvergaderingen.
Aan het hoofd van de ACOD staat het algemeen secretariaat, dat het dagelijks
beheer waarneemt.
Onze Missie
Hoewel de ACOD en de socialistische partij dezelfde voorouders hebben, delen
ze vandaag enkel nog dezelfde strijd, maar niet hetzelfde bed. De ACOD is een
zelfstandige vakbond en dat willen we zo houden.
Voor de ACOD zet zich resoluut af tegen het alomtegenwoordige
‘concurrentie-denken’. De overheersende privatiserings- en
liberaliseringsgedachte zet miljoenen mensen letterlijk en figuurlijk in de kou.
Het is de oorzaak van de grote werkloosheid en de armoede waardoor onze
democratie wordt bedreigd. Bovendien komen ook de sociale zekerheid en de
sociale bescherming op de helling te staan.
De ACOD kiest duidelijk voor solidariteit, rechtvaardigheid,
gelijkheid en democratie. Het zijn waarden die verder reiken dan het
politieke vlak. Ze vinden ook hun plaats binnen het economische, sociale en
culturele leven.
De socialistische vakbond heeft al heel wat bijdragen geleverd aan
onze samenleving. Denken we maar aan het algemeen stemrecht, de
leerplicht, de 38-uren week, gelijk loon voor mannen en vrouwen, de collectieve
arbeidsovereenkomsten, sociale uitkeringen, de mutualiteit, pensioenen, behoud
van de index, etc. Vandaag mag dat misschien allemaal vanzelfsprekend zijn, maar
in het begin van de vorige eeuw was het totaal onbestaande.
Als socialistische vakbond komt de ACOD op voor een solidaire
samenleving, waarin iedereen op grond van zijn arbeid en behoeften kan
delen in de geproduceerde rijkdom. Politieke democratie is onvolledig zonder
economische en sociale democratie.
Rechtvaardigheid, gelijkheid en democratie zijn voor de ACOD geen holle
woorden, maar duurzame basisinstrumenten om een stabiele, toekomstgerichte
maatschappij te creëren waarin het goed toeven is.