Defensie: nieuwjaarsdrink gunt blik op de toekomst
Nieuws donderdag 19 februari 2026
Nieuwjaarsrecepties blijven een vaste waarde binnen Defensie: een moment van terugblikken, vooruitkijken en vooral hoge verwachtingen. Ook dit jaar was dat niet anders tijdens de Belgian Defence New Year Reception, met als gastheren minister van Defensie Theo Francken (MOD) en CHOD generaal-vlieger Frederik Vansina. Het opzet was duidelijk: in de eerste plaats de civiele partners meenemen in de grote strategische uitdagingen voor de komende jaren.
Het kader mocht alvast tellen. De indrukwekkende A400M-hangar op de luchtmachtbasis van Melsbroek werd omgevormd tot een ware beleving. Bezoekers wandelden langs stands van alle componenten en zelfs doorheen een A400M-toestel, om aan het einde van het parcours persoonlijk verwelkomd te worden door de gastheren. Een sterk staaltje scenografie, Defensie weet hoe indruk te maken.
Inhoudelijk lag de focus resoluut op 2026 en daarna. De CHOD beklemtoonde een reeks prioriteiten: het behalen van de 2 procent-NAVO-norm, de versterking van de luchtverdediging, het aanvullen van munitievoorraden, de verdere ontwikkeling van gevechtscapaciteiten (F-35, gemotoriseerde capaciteit) en de uitbreiding van de rekrutering, onder meer via de voorbereiding van de vrijwillige militaire dienst.
Personeel?
Opvallend - en terecht - was de klemtoon die generaal Vansina legde op de menselijke factor. “Defensie, dat zijn in de eerste plaats vrouwen en mannen”, klonk het. Hij wees erop dat de personeelsuitdaging de grootste is sinds de Tweede Wereldoorlog: tegen 2035 moeten de effectieven bijna verdubbeld worden, terwijl tegelijkertijd een golf pensioneringen moet worden opgevangen.
Vanuit vakbondsperspectief zaten wij op dat moment letterlijk op het tipje van onze stoel. Want als het personeel echt centraal staat, dan verwachten wij antwoorden op cruciale vragen.
Wat betekent dit concreet voor de mensen op de werkvloer? Welke sociale garanties horen daarbij? Hoe worden werkdruk, loopbaan, pensioen en erkenning aangepakt?
Maar daar sloeg de toon om. De brug werd snel gelegd naar operationaliteit en investeringen. De MOD zette vooral de aanzienlijke middelen in de kijker die reeds werden en nog zullen worden ingezet, met een duidelijke focus op capaciteiten en industrie – ‘tools’ die moeten draaien om Defensie toekomstbestendig te maken.
Pijnlijk afwezig
Pijnlijk afwezig, maar minstens even veelzeggend: er werd met geen enkel concreet woord gerept over:
- een sociaal akkoord
- waarden en normen bij Defensie
- de toestand van de Medische Component (militair hospitaal, brandwondencentrum, specialisten, arbeidsartsen…)
- de reële bezorgdheden van het personeel
- pensioenmaatregelen en loopbaaneinde.
Personeel werd herleid tot een slogan voor rekrutering, niet tot mensen met rechten, draaglasten en verwachtingen. Er was veel aandacht voor aantallen, maar nauwelijks voor arbeidsomstandigheden, erkenning van prestaties, buitensporige plichten en de noodzakelijke compensaties.
ACOD Defensie blijft constructief en loyaal in dialoog, maar ook scherp en waakzaam. Als Defensie haar toekomst wil veiligstellen, dan kan dat alleen met gemotiveerd personeel dat zich gehoord, beschermd en gewaardeerd voelt. Investeren in materieel zonder tegelijk te investeren in mensen is geen duurzame strategie.
Onze boarding pass ligt klaar. 2026 zal niet alleen draaien om capaciteiten en cijfers, maar ook en vooral om sociale rechtvaardigheid bij Defensie. Dat is geen randvoorwaarde, dat is een absolute noodzaak.
Natasja Gaytant