Besparingen op personeel Vlaamse overheid: voor wie nog twijfelt aan de hoge werkdruk…

Nieuws maandag 18 augustus 2025

 


In het Vlaams regeerakkoord 2019-2024 werd een duidelijke doelstelling geformuleerd: de Vlaamse overheid moest tegen 31 december 2024 in totaal 1.440 personeelsleden besparen. Dit kaderde in het streven naar een slankere, performantere en toegankelijke overheid. Hierbij speelden natuurlijke uitstroom, integratie van bevoegdheden (bijv. door de zesde staatshervorming) en het efficiënter inzetten van personeel een sleutelrol. Wat zijn de gevolgen?


Op 6 maart 2020 werden de contouren van de besparingsronde officieel vastgelegd. Het toepassingsgebied omvatte nagenoeg alle entiteiten binnen de Vlaamse overheid, met enkele specifieke uitzonderingen.

Er werd gekozen voor een halfjaarlijkse monitoring van de personeelsevolutie. Deze opvolging gebeurde conform goedgekeurde rekenregels (inclusief correcties voor detacheringen, uitsluitingen, dubbeltellingen enz.).


Resultaten op 31 december 2024


De startbasis voor deze ronde bedroeg na actualisatie 25.458 personeelsleden. Op de einddatum bleven er nog 23.575 personeelsleden over binnen de besparingsdoelgroep. Dit betekent een effectieve besparing van 1.883 personeelsleden, ofwel 131 procent van de doelstelling.

Hieronder volgt een overzicht van de entiteiten binnen de doelgroep besparingsronde 2019-2024, opgedeeld volgens de bevoegdheidsverdeling in de huidige regeerperiode, met daarna de eindafrekening van de personeelsbesparing per minister.


Overzicht entiteiten per minister


Matthias Diependaele

Departement Kanselarij & Buitenlandse Zaken (DKBUZA) (excl. buitenlandpersoneel); Departement Economie, Wetenschap & Innovatie (DEWI); Agentschap Digitaal Vlaanderen (DV); Agentschap Facilitair Bedrijf (HFB); Vlaams Agentschap Innoveren & Ondernemen (VLAIO); Vlaams Agentschap voor Internationaal Ondernemen (FIT Agency) (excl. buitenlandpersoneel); Agentschap Plantentuin Meise (APM) (excl. personeel gefinancierd op eigen middelen).

Melissa Depraetere

Vlaams Energie- en Klimaatagentschap (VEKA); Wonen in Vlaanderen (incl. Vlaamse Maatschappij voor Sociaal Wonen); Toerisme Vlaanderen (TV) (excl. buitenlandpersoneel).

Hilde Crevits

Audit Vlaanderen; Agentschap Overheidspersoneel (AgO); Agentschap Binnenlands Bestuur (ABB).

Ben Weyts

Financiën & Begroting (DFB); Vlaamse Belastingdienst (VlaBel); Onroerend Erfgoed (OE).

Zuhal Demir

Departement Onderwijs & Vorming (DOV); Departement Werk en Sociale Economie (DWSE); Dienst van de Bestuursrechtcolleges (DBRC); Onderwijsinspectie (administratief personeel); Agentschap Justitie & Handhaving (AJH) (excl. Justitiehuizen); Agentschap voor Onderwijsdiensten (Agodi); Agentschap voor Hoger Onderwijs, Volwassenenonderwijs, Kwalificaties en Studietoelagen (AHOVOKS); Agentschap voor Infrastructuur in het Onderwijs (Agion); Vlaamse Dienst voor Arbeidsbemiddeling en Beroepsopleiding (VDAB); Vlaamse Onderwijsraad (VLOR); GO! Onderwijs van de Vlaamse Gemeenschap.

Caroline Gennez

Departement Zorg (DZORG) (incl. Zorg en Gezondheid); Departement Cultuur, Jeugd & Media (DCJM); Agentschap Opgroeien (OG) (excl. opvoeders); Agentschap Opgroeien Regie (OGR) (excl. regioverpleegkundigen); Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap (VAPH); Agentschap Uitbetaling Groeipakket (VUTG); OPZC Rekem; OPZ Geel.

Jo Brouns

Departement Omgeving (DOMG); Agentschap voor Natuur en Bos (ANB); Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek (INBO); Agentschap Landbouw & Zeevisserij (ALZ); Instituut voor Landbouw & Visserijonderzoek (ILVO); Openbare Vlaamse Afvalstoffenmaatschappij (OVAM); Vlaamse Milieumaatschappij (VMM); Vlaamse Landmaatschappij (VLM); Milieu en Natuurraad van Vlaanderen (Minaraad); Strategische Adviesraad Ruimtelijke Ordening en Onroerend Erfgoed (SARO).

Annick De Ridder

Departement Mobiliteit & Openbare Werken (DMOW); Agentschap Wegen en Verkeer (AWV); Agentschap voor Maritieme Dienstverlening en Kust (MDK) (excl. DAB Loodswezen); Sport Vlaanderen (excl. topsporters); De Vlaamse Waterweg (DVW).

Cieltje Van Achter

Vlaamse Regulator voor de Media (VRM).


Eindafrekening van de personeelsbesparing per minister

 

Minister

Startbasis (31/12/2019)

Besparings- doelstelling

Te behalen personeelsaantal (31/12/2024)

Matthias Diependaele

2,095

-108

1,987

Melissa Depraetere

800

-35

765

Hilde Crevits

991

-35

956

Ben Weyts

1,524

-78

1,446

Zuhal Demir

6,852

-535

6,317

Caroline Gennez

3,920

-186

3,734

Jo Brouns

4,469

-230

4,239

Annick De Ridder

4,785

-232

4,553

Cieltje Van Achter

22

-1

21

Totaal besparingsdoelgroep

25,458

-1,440

24,018

 

Eindafrekening op 31 december 2024

Minister

Reëel personeelsaantal (excl. vacatures)

Saldo bespaard

Saldo niet bespaard

Gerealiseerd t.o.v. doelstelling

Matthias Diependaele

1,993

-102

-6

94%

Melissa Depraetere

721

-79

44

226%

Hilde Crevits

909

-82

47

234%

Ben Weyts

1,373

-151

73

194%

Zuhal Demir

6,234

-618

83

116%

Caroline Gennez

3,652

-268

82

144%

Jo Brouns

4,153

-316

86

137%

Annick De Ridder

4,519

-266

34

115%

Cieltje Van Achter

21

-1

0

100%

Totaal besparingsdoelgroep

23,575

-1,883

443

131%

 

Conclusie


De Vlaamse overheid heeft haar besparingsdoelstelling van 1.440 personeelsleden voor de periode 2019-2024 ruimschoots overschreden, met een effectieve besparing van 1.883 personeelsleden (131 procent). Dit roept bij ACOD Overheidsdiensten serieuze bezorgdheden op. Deze cijfers mogen dan wel als een ‘succes’ worden gepresenteerd in beleidskringen, maar de menselijke en structurele gevolgen blijven grotendeels onderbelicht.

In heel wat entiteiten werd ver boven de doelstelling bespaard. Sommige ministers, zoals Hilde Crevits (234 procent), Melissa Depraetere (226 procent) en Ben Weyts (194 procent), overschreden ver hun besparingsdoel. Dit wijst op een besparingsijver die de afgesproken kaders aanzienlijk overstijgt, wat de vraag oproept of deze reducties wel verantwoord en evenwichtig werden doorgevoerd.

ACOD Overheidsdiensten stelt vast dat het ontbreken van bindende kwaliteitsgaranties bij dergelijke ingrepen leidt tot:
- toenemende werkdruk bij overblijvende personeelsleden
- verlies van expertise en kenniscontinuïteit
- aantasting van de dienstverlening aan burgers en organisaties
- demotivatie en onzekerheid bij het personeel, mede door het jarenlange klimaat van besparingen en afbouw.

Het feit dat een overschot van de vorige besparingsronde (2014–2019) werd meegenomen, toont aan dat het personeelsbestand al jarenlang onder druk staat. De netto besparing van 1.529 personeelsleden sinds 2020 is in de realiteit nog zwaarder voelbaar op de werkvloer, gezien ze bovenop jaren van onder-bemanning en onder-investering komt.

Hoewel minister Crevits stelt dat de evolutie van de personeelsomvang verder zal worden opgevolgd via capaciteitsplannen, roept dat vragen op over de effectiviteit en de transparantie van die opvolging. Wij vrezen dat zonder een duidelijke visie op kwalitatieve dienstverlening en duurzame werkbaarheid, de focus op ‘slankheid’ de overheid nog verder uitholt.

Afsluitend stellen we dat deze eindafrekening geen puur bestuurlijk succes toont, maar eerder het symptoom is van een structurele afbouw van publieke capaciteit. Wat nodig is, is niet louter boekhoudkundige besparing, maar een beleid dat inzet op versterking, waardering en stabiliteit van de Vlaamse overheidsdiensten. ACOD Overheidsdiensten zal het niet nalaten om dit blijvend onder de aandacht te brengen.

 

Jan Van Wesemael, Chris Moortgat, Geert Dermaut, Eddy Hendryckx, Tom De Jonghe